A picture of a Wolf in Sheep’s Clothing (source: Pixabay) to accompany my blog with the same title.

Wolf in schaapskleren

Zoals de titel al suggereert gaat deze blog over een wolf in schaapskleren. In tegenstelling tot de wilde wolf, die wat mij betreft wel een plekje in het Nederlandse landschap verdient, hoort deze wolf in schaapskleren hier niet thuis. Nog niet zo lang geleden was ozempic het nieuwe afslankmedicijn. Daar schreef ik destijds al een blog over. Die hype wordt nu rechts ingehaald door Triple G. Triple G bevat niet slechts één eetlustremmend hormoon zoals bij ozempic, maar drie. Dat zijn GLP-1, GIP en Glucagon.

Gewichtsverlies

Mensen die ozempic gebruiken om af te vallen realiseren een gewichtsverlies van gemiddeld 14% in een jaar tijd. De opvolger van ozempic bevatte twee hormonen, GLP-1 en GIP. Daarmee kon je een gemiddeld gewichtsverlies bereiken van 20% in dezelfde tijd. En nu is er dus Triple G, waarmee gebruikers een gemiddeld gewichtsverlies kunnen realiseren van 30% in een jaar. Er zijn zelfs mensen die op 35% of meer zitten. Dat is gigantisch!

Drank- en voedingsmiddelenindustrie

Maar laten we nou eens een flinke stap terug doen. Hoe heeft het kunnen gebeuren dat de helft van de Nederlanders inmiddels overgewicht heeft en dat 16% een BMI van boven de 30 heeft en dus gekwalificeerd wordt als obese? Ik denk dat het tijd wordt om de wolf in schaapskleren te onthullen. In mijn ogen is dat de drank- en voedingsmiddelenindustrie. Deze volledig marktgedreven industrie maakt ons ziek. Daar ben ik heilig van overtuigd. Het is geen groot geheim dat ongeveer driekwart tot 80% van de producten in de supermarkt buiten de schijf van vijf van het Voedingscentrum valt. Bovendien weten we ook dat veel van die, meestal ultrabewerkte producten, zo gemaakt zijn dat ze iets doen met je verzadigingsgevoel, waardoor je ervan blijft eten of drinken.

Keuzevrijheid

Maar we hebben toch de vrije wil om dergelijke schadelijke middelen niet te gebruiken, denk je misschien. Is dat wel zo? Hebben we die vrije wil nog wel? Nederland is in mijn ogen een volledig verrechtst land. De drank- en voedingsmiddelenindustrie krijgt ruim baan om zoveel mogelijk winst te maken om aandeelhouders tevreden te houden. Er wordt ze letterlijk geen strobreed in de weg gelegd. Drank- en voedingsmiddelen moeten veilig voor consumptie zijn. Ze hoeven niet gezond te zijn. Want wij Nederlanders zijn dol op keuzevrijheid en wars van betutteling. Maar in hoeverre is er nog sprake van keuzevrijheid als we op grote schaal gemanipuleerd worden door de drank- en voedingsmiddelenindustrie?

Cultuur en tradities

En wat te denken van de grote invloed van cultuur en tradities. Het aanbod van supermarkten is jaarrond al niet om over naar huis te schrijven. Chips, frisdrank, koek en snoep zijn onweerstaanbaar lekker en ongelooflijk goedkoop. Datzelfde geldt voor ijs, pizza’s, snacks en kant-en-klare maaltijden. Deze producten zijn het hele jaar ruimschoots te verkrijgen. Maar alsof dat niet al erg genoeg is, doet de industrie er rond de feestdagen nog een schepje bij bovenop. Pepernoten rond Sinterklaas. Kerstkransen rond kerst. Oliebollen en drank rond de jaarwisseling. Snoep voor nieuwjaarsdag, halloween of Sint Maarten. Chocoladepaashazen rond pasen. Oranjetompoucen en oranjebitter met Koningsdag. De lijst groeit elk jaar langer.

Doelgroep

En inmiddels durf ik er ook wel de vinger op te leggen wie de meest gewilde doelgroep voor de drank- en voedingsmiddelenindustrie zijn. Pubers! Onze dochter is dit schooljaar op de middelbare school begonnen en sindsdien is ze met enige regelmaat klant van de frisdrankautomaat of van de naast gelegen supermarkt. In die supermarkt bestaat het aanbod verse broodjes en fastfood banket voor 97% uit producten die uitsluitend witte tarwebloem, suiker en een hele reeks aan toevoegingen bevatten.

Ik doe, vanwege de alom geprezen kwaliteit van groente en fruit, twee keer per week boodschappen in deze supermarkt. Doorgaans zo vroeg dat ik de invasie van scholieren voor ben, maar soms lukt dat niet. Op die momenten sta ik met verbazing te kijken wat er bij de zelfscan kassa zoal afgerekend wordt. Wat mij opvalt is dat het aandeel jongens dat inkopen doet het aandeel meisjes veelal overtreft. Wellicht omdat meisjes vroeger en meer met hun uiterlijk bezig zijn dan jongens.

Frisdrankautomaten op scholen

Het wordt kinderen in het huidige drank- en voedingslandschap bepaald niet gemakkelijk gemaakt om gezonde keuzes te maken. Daar maak ik me zorgen over. Persoonlijk vind ik dat frisdrankautomaten niet thuishoren op middelbare scholen. Zet er liever een automaat neer waar je onwijs lekkere koffie- en theevariëteiten kunt tappen. En als een scholier dan toch een keer een zoet drankje wenst, dan is de gang naar de supermarkt zo gemaakt. Maar het feit dat het op school niet beschikbaar is, werpt toch een drempel op. Hoe klein ook.

Het is denk ik heel zinvol dat pubers leren omgaan met de verleidingen die onze maatschappij met zich meebrengt. Maar ik vrees dat ze het tegenwoordig wel heel erg moeilijk wordt gemaakt. De wolf in schaapskleren vertoont zich in allerlei gedaanten. Want het is beslist niet alleen de drank- en voedingsmiddelenindustrie. Je ziet ‘m bijvoorbeeld ook in de tabaksindustrie, de gokindustrie en op social media. Om over ‘recreatieve’ drugs nog maar te zwijgen.

Suikertaks

Ik vind dat de invoering van een suikertaks nog veel te lang op zich laat wachten. Hoe moeilijk kan het zijn om te bepalen waar en wanneer zo’n suikertaks geldt. Groente en fruit, vers of gedroogd, vormen uiteraard de uitzondering. En wat de in het begin van deze blog genoemde producten betreft zou ik de hoogte van de suikertaks baseren op het aandeel suiker in het product. Daar rust namelijk al de wettelijke verplichting op om het op het etiket te vermelden. Begin gewoon met het laaghangende fruit en pak de grootste en meest kwalijke bron van suiker in ons voedingspatroon aan. Dat is zonder enige twijfel de consumptie van frisdrank.

Mijn eigen aandeel

Maar ja, zoals reeds eerder opgemerkt, leven we in een uiterst verrechtst land. De belangen van (de aandeelhouders van) de Unilevers en Nestlés van deze wereld wegen vele malen zwaarder dan onze individuele gezondheid. En ook al heb ik zelf vanzelfsprekend geen aandelen in deze bedrijven, pensioenfonds PFZW dat mijn pensioenpremie belegt, heeft dat wel. Dat voelt voor mij toch een beetje alsof ze nog steeds in aandelen Philip Morris beleggen, terwijl dat allang een keiharde uitsluiting is.

[engelse versie]

Wil je een seintje bij een nieuwe blog?

Ik stuur geen nieuwsbrieven en geen reclame.
Alleen een korte mail wanneer er een nieuwe blog verschijnt.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.